De koers naar de lappenmand

Vallen racefiets wielrennen

Een prachtige lentedag in februari… huh wacht even? Dat kan niet lente in februari. Een prachtig zonnige dag in februari. Maar je zou je bijna kunnen vergissen. Die dag was zo zonnig. 17 graden en het zonlicht schittert van mijn fietshelm af. Wat een cadeautje! Rond de middag heb ik me in mijn fietstenue gehesen en ben ik in de pedalen geklikt. Tijd voor een kort maar krachtig episch ritje met een vroeg voorjaarszonnetje op mijn wangen.

Zomerkriebels

Vanuit mijn thuisbasis fiets ik richting Geulle. Ik had zin om een stevige kuitenbijter onder de wielen te nemen en had koers gezet richting de Schieversberg. Onderweg begonnen de zomerkriebels me van top tot teen te bekruipen. Wat is het toch heerlijk om met een lekker temperatuurtje je tijd te verdoen op de racefiets.

En de benen? Die waren fantastisch. Aangekomen in Geulle fietste ik onder de spoorwegtunnel door en nam op de t-splitsing een haakse bocht rechtsom. Daarna heb ik die goeie benen eens even ontketend. De Schieversberg is letterlijk onder mijn wielen weggevaagd. Althans in mijn beleving dan hé. Volgens mij ligt ‘ie er nog gewoon. Maar man dat ging lekker, er kwam geen stilvallen aan te pas. Uit het zadel met ferme pedaalslagen richting de top. Het zit goed met de conditie.

Naderend onheil

Ik vervolg mijn zonnige tocht via Kazen, steek de A2 brug over en fiets met een lekkere draf richting het vliegveld. Niet het meest fotogenieke stukje betonplatenfietspad maar goed. Als de zon schijnt is alles prima. Ik sla rechtsaf Schietecoven in en neem meteen weer een rechtse om de hekstraat af te dalen. (a.k.a. de Biesenberg). Ik zet de afdaling in en zie rechts van me van die wit rode verkeerspionnen staan om een slecht stuk asfalt af te schermen.

Ik knijp wat in de remmen en wijk uit naar links. Voor me doemen twee stroken klinkers op in het asfalt. Je hoeft geen professor te zijn om te zien dat de weg er op die stroken niet heel koosjer bij lag. De randen langs de klinkerstroken waren grillig en zaten vol gaten. Tel daar de grove zand en kiezel bij op die is gebruikt om de klinkers in te voegen. Althans, dat was de bedoeling denk ik. Er lag meer naast dan in de voegen. Ik zag het tafereel voor me en vreesde het ergste. Ik reed recht op een ongeluk af.

Daar ga je dan

En wat blijkt, blijkbaar heb ik geen glazen bol nodig. Op tijd tot stilstand komen lukte niet meer. Niet met een noodremactie op die ondergrond. Mijn enige optie was mijn knuisten stevig om het stuur klemmen en eroverheen rollen. Hopend op een goede afloop.

De adrenaline begon te gieren en de slow-motion stand was aangesprongen.

Op de eerste strook klinkers sloeg mijn voorband kapot. Waarschijnlijk op een scherp steentje. De weg was bezaaid met deze ondingen. Met een kapotte band begin je meteen lekker te zwabberen. Echt sturen is er niet meer bij als die rubberen lap over het wegdek floddert. Tot overmaat van ramp reed ik daarna precies door een mooie grillige kuil die achter de tweede klinkerstrook lag. Door de impact schoten mijn handen van het stuur. En dan weet je het hé.

Nog een seconde heb ik geprobeerd om als een soort balans act mijn fiets overeind te houden en het stuur weer vast te grijpen. Maar het was te laat. Mijn lichaam wist het al. De adrenaline begon te gieren en de slow-motion stand was aangesprongen. Het ging gebeuren. Ik ga neer.

vallen wielrennen

Slow-motion modus aan

Men zegt dat het altijd snel is gebeurd. Maar tijdens een flinke val gaat de tijd een stuk langzamer. Door de adrenaline ben je hyperalert. Je merkt precies wat er gebeurd. Op het moment dat mijn fiets begon te kantelen ben ik gelukkig uit de pedalen geschoten. Mijn trots op twee wielen ging achter mij ten gronde terwijl ik nog wat afstand door de lucht aflegde. Klinkt leuk, maar je voelt je verre van superman.

Instinctief probeer je je val op te vangen en je hoofd te beschermen. Gelukkig had ik wel voor een lange broek en lange mouwen gekozen tijdens deze rit. Het ruwe asfalt vreet zich zo een weg door het dunne stof heen als je neerkomt, maar toch. Het bied iets van bescherming.

Mijn val ving ik op met mijn armen, maar door het momentum voelde ik dat er nog een goeie koprol aan zat te komen. Na de armen ging mijn hoofd richting de grond. Dat gevoel is afgrijselijk. Je bent machteloos. Vlak voor het moment dat je denkt nu is het over, nu gaat de lamp uit, merk je dat de helm het ruwe asfalt raakt in plaats van je voorhoofd. De split-second opluchting die dat geeft is onbeschrijfelijk. Toen ik eenmaal uitgerold was en de duikvlucht erop zat merkte ik dat ik mijn ledematen kon gebruiken. Niks gebroken denk ik.

Het eerste wat in me opkwam is wegkruipen richting de berm. En even op adem komen. Door de adrenaline en impact draait de hele wereld ineens om je heen. Eerst even uitpuffen, ga daarna maar de lichamelijke schade opnemen. Fiets, bril en andere attributen die door de val over de weg zijn geslingerd komen later wel.

De schade

Vlak na mijn val trof ik gelukkig snel een behulpzame voorbijganger. Zij heeft een ambulance voor me gebeld, welke me uit voorzorg naar het ziekenhuis heeft gebracht. Protocol denk ik als iemand met snelheid een val maakt en daarbij een ongelukkige kopstoot aan de grond geeft. In het ziekenhuis wordt je onderzocht op hersenletsel en interne bloedingen. Gelukkig waren geen van beide van de partij. Maar een paar dagen hoofdpijn heb ik er wel aan overgehouden.

De schade was vooral cosmetisch. Details zal ik sparen. Maar ik weet inmiddels hoe een goed gevalletje asfalteczeem aanvoelt. Ik had een paar diepere wonden door losliggende steentjes. Maar al met al mag ik van geluk spreken. De fiets was flink beschadigd. Opstappen en de etappe afmaken zat er niet meer bij 😉

Wijze raad

Op het moment dat je zoiets overkomt dan merk je hoe fragiel je bent op je racefiets. Natuurlijk is het gaaf om snel te gaan. Maar je leert wel van zo’n ervaring. Als het op afdalen aankomt ben ik zeker geen waaghals. Maar ik houd voortaan mijn vingers nog iets strakker om de rem tijdens het afdalen. Je weet niet wat voor verassingen het wegdek voor je heeft.

Je weet niet wat voor verassingen het wegdek voor je heeft.

Als ik terugkijk op mijn crash ben ik bij mezelf te rade gegaan of ik er überhaupt iets aan kon doen. Maar het lag niet aan mijn stuurkunsten of snelheid. Ik trof een stuk weg dat te gevaarlijk was voor fietsers. Zeker als je op 25mm bandjes rijdt. Ik heb geluk gehad dat ik geen tegenliggers ben tegengekomen tijdens mijn duikvlucht. Anders had het heel anders kunnen aflopen.

Tot slot komen de clichés, maar ik meen ze oprecht. Denk aan je eigen veiligheid als je op de fiets zit. En stap nooit op zonder helm! Voor je het weet gaat de koers rechtstreeks naar de lappenmand.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *